Met de nieuwe Cradle to Cradle ontwerp methode presenteren we een nieuwe strategie voor bedrijfsgroei en welvaart die ecologische, sociale en economische waarde creëert. Het betekent een fundamentele conceptuele koerswijziging ten opzichte van het ontwerpproces van de Industriële Revolutie.
Als antwoord op de wijdverspreide milieu degradatie hebben veel industrieën gekozen voor een strategie die “eco-efficiency” wordt genoemd: het minimaliseren van afval, vervuiling en gebruik van natuurlijke bronnen. Maar eco-efficiency is niet een strategie voor een lange termijn succes. Het streeft er alleen naar om het huidige destructieve systeem maatschappelijk verantwoord en duurzaam te maken.
Afval is gelijk aan voedsel
Het minimaliseren van giftige vervuiling en verspilling van natuurlijke bronnen is geen strategie voor echte verandering. Het ontwerpen van producten en industriële processen op zo’n manier dat ze geen giftige vervuiling en verspilling opleveren is pas echte verandering. Lange termijn welvaart hangt niet af van de efficiëntie van een fundamenteel destructief systeem, maar van de effectiviteit van processen die ontworpen zijn om gezond en vernieuwd te zijn in de eerste plaats.
De Cradle to Cradle ontwerp strategie van eco-effectiviteit (niet te verwarren met eco-efficiency) is geënt op de systemen in de natuurlijke wereld, welke niet efficiënt zijn, maar effectief. Kijk naar de kersenboom. Iedere lente maakt ze duizenden bloesems, die daarna op de grond vallen: niet erg efficiënt. Maar de gevallen bloesems worden voedsel voor andere levende wezens. De overvloed van de bloesems van de boom is zowel veilig als nuttig, het voegt toe aan de gezondheid van een afhankelijk systeem. En de boom verspreidt meerdere positieve effecten: het maken van zuurstof, transpireren van water, het creëren van schaduw en meer.
Eco-effectiviteit heeft tot doel om industriële systemen te ontwikkelen en ontwerpen die overeenkomen met de gezonde overvloed van de natuur. Het centrale ontwerp principe is dat afval gelijk is aan voedsel.
Wanneer afval gelijk wordt gesteld aan voedsel, dan het “minder slecht zijn” van het efficiency principe verbleekt. Wanneer een product aan het eind van de levenscyclus terugkeert naar de industrie en de materialen worden gebruikt om net zulke waardevolle producten mee te maken, dan hoeven de gebruikte mineralen en plastics in de producten niet geminimaliseerd te worden. Want ze komen niet terug in reflectorpaaltjes langs de weg (hier is sprake van downcycling, geen recycling) en uiteindelijk op de afvalstortplaats. De industrie zou miljoenen besparen op de inkoop van dure materialen en grondstoffen. En producten die ontworpen worden van natuurlijke, biologisch afbreekbare materialen kunnen zonder zorgen aan de aarde worden toevertrouwd, ze zijn voedsel voor de ecosystemen.
Het transformeren van hoe we dingen maken
Dit fundamentele concept verandert de koers naar ontwerp strategieën die sommigen misschien verrassend vinden. Waarom zouden we niet in plaats van het minimaliseren van de consumptie van energie die gewonnen wordt uit kolen, olie en atoomsplitsing, het gebruik van energie in wind en zon maximaliseren? Waarom zouden we niet in plaats van het gebruik van natuurlijke vezels, zoals katoen voor de textiel productie (een landbouwproces met veel pesticiden) alleen niet-giftige synthetische vezels gebruiken, die ontworpen zijn om oneindig opnieuw gerecycled te worden en gebruikt te kunnen worden in de productie van nieuwe kleding. Waarom zouden we niet in plaats van intelligentie te gebruiken richting meer milieu regels en toezicht, intelligentie gebruiken om industriële processen zo te ontwikkelen dat ze geen milieu regels nodig hebben en creativiteit gebruiken om economische, sociale en ecologische voordelen te behalen?
Eco-effectiviteit heeft grote positieve gevolgen voor de industrie. In plaats van een wereld van gevaarlijk afval, schaarse natuurlijke stoffen en gelimiteerde mogelijkheden, biedt dit een overvloed van continu aanwezigheid van waardevolle industriële en natuurlijke materialen, rijke en diverse leefsystemen, economische en ecologische rijkdom.
|